41ste INTERNATIONAAL REDERIJKERSCONGRES BREDA 07 juni
2025
Verslag van een mooie en zeer gezellige
congresdag
Op 6 juni des Heren om 6u45 loopt de wekker af.
Vandaag zal ik mij begeven naar Breda voor het 41ste internationaal congres
voor
Rederijkerskamers uit Vlaanderen en Nederland, dat door de gastheren
en -dames van Rederijkerskamer Vroechdendael oft
Berckenriis wordt
georganiseerd.
Vanuit mijn woonplaats Goeferdinge – een deelgemeente van
Geraardsbergen – heb ik een autorit voor de boeg van ongeveer 2u30.
Een
aantal van onze Kamerleden zijn vrijdag al naar Breda afgezakt omdat zij graag nog wat
extra wilden genieten van de plaatselijke
cultuur en dan vooral de eet-
en drinkcultuur, zoals het ons Vlaamse Bourgondiërs betaamt.
Tot mijn
grote verbazing gaat het vlot op onze Belgische wegen, ook al regent het af een toe. Als
ik mijn tocht zo kan verderzetten,
bereik ik Breda vroeger dan gepland.
Maar dat bleek algauw ijdele hoop te zijn, want eenmaal aan het Antwerpse Sportpaleis,
euh
sorry AFAS Dome, heb ik prijs en kan ik beginnen aan de nationale
sport van het geduldig aanschuiven.
Wanneer ik – later dan verwacht
– Breda binnenrijd, was het ook daar best somber en grijs weer. Ik parkeer en maak een
kleine
wandeling tot aan het begijnhof waar het congres doorgaat, en ook
nu weer valt het mij op hoe verschillend onze beide landen en
steden
zijn. Terwijl wij in Vlaanderen meer een meer leegstand kennen van winkels in het
centrum en horeca zien verdwijnen, lijkt
dit in Nederland niet of toch
beduidend minder het geval te zijn.
Wanneer ik arriveer aan het Bredase
Begijnhof en de Waalse kerk binnenstap, word ik opgewacht door een warm en
vriendelijk
welkomstcomité dat mij aanspreekt in het Nederlands, en dus
niet in het Frans. Ook dat is een groot verschil tussen onze landen,
want
in onze Waalse kerken in België wordt geen Nederlands gesproken.
Al gauw
blijkt dat ik de eerste Giesbaargse Rederijker ben die al ter plaatse is. De andere
Vodden zijn nog niet op de afspraak.
In Geraardsbergen zouden we dan
zeggen: "Ze liggen van tiennegen nog op hun sleppe." Gelukkig hoef ik niet lang te
wachten tot
mijn Kamergezellen mij vervoegen en zo is onze Kamer
"Sint-Pieter Vreugd & Deugd" uit Geraardsbergen bijna compleet.
Ik zeg
"bijna" want onze Prince is nog in vergadering met de hoge piefen van het bestuur van
het Verbond en met de Hoofdmannen,
Princen en afgevaardigden van de
andere Kamers. Maar ook onze Prince Marie vervoegt zich al snel bij de rest van ons
gezelschap.
Ondertussen betreden de Rederijkers van Noord en Zuid
mondjesmaat de kerk, en zo wordt het algauw een blij weerzien tussen
Kamers en hun leden met hartelijke begroetingen en nieuwe
kennismakingen.
De congresdag begint iets later dan de
strikte planning had vooropgesteld. Ik denk dat de hoge piefen van het Verbond wat te
lang
zullen gepalaverd hebben. Maar onze Bredase collega’s zetten
alvast de toon, en dat kunnen we letterlijk nemen, want zij stellen
zichzelf en Breda al zingend voor. Chapeau voor deze mooie samenzang!
Deken van de Kamer Martin Rasenberg opent het congres formeel en voorzitter van het
Verbond Johan De Rijck verwelkomt ons op
zijn beurt. Na deze officiële
toespraken kan het congres dan echt van start gaan.
Hierna is het aan
Professor Dokter Anne-Laure Van Bruaene om de academische zitting te openen. Van Bruaene
neemt ons mee
doorheen de geschiedenis van de Rederijkers en specifiek
hoe de Rederijkers soms mee die geschiedenis hebben gevormd door hun
rebelse karakter en openlijke kritiek op de beslissingen van de heersende elite. De pen
is machtiger dan het zwaard! Zo leert ons de
geschiedenis.
De boeiende lezing van Van Buaene wordt opgefleurd door een prachtig trio van
dwarsfluiten dat ons met hun hemelse klanken laat
wegdromen naar
sprookjesachtige taferelen.
Hierna volgt nog een interessante vraag aan
Van Bruaene vanuit het publiek en gelukkig kan zij de vraag uitmuntend
beantwoorden.
Ze blijkt trouwens gelinkt te zijn aan de Universiteit
Gent, en zo hebben wij Vlamingen dan ook weer onze bijdrage geleverd aan
dit
congres.
Hier en daar hoor je al wat magen knorren,
dus is het tijd om ons in stoet naar de eetgelegenheid te begeven. We zoeken een
tafeltje
uit, bestellen iets om te drinken en zo wordt het een gezellige
lunch.
Groot is onze verbazing wanneer we stoofvlees met friet krijgen
voorgeschoteld, een echte Vlaamse klassieker, en dit dan nog in
Nederland! We laten het ons welgevallen en krijgen daarna nog een lekkere dame blanche
om af te sluiten. Vlaamser kan haast niet.
Nadat alle bordjes en glaasjes
leeg zijn en de maagjes vol zijn, begeven we ons weer naar het begijnhof om aan het
toeristisch luik
te beginnen. In de kerk wordt onze groep opgesplitst in
twee kleinere groepen. Wij, de Vodden, kunnen eerst genieten van een
stukje
tekst uit de geschiedenis van het leven op het begijnhof, dat ons
wordt voorgedragen door Bauke van Halem.
Daarna krijgen we meer te horen
over het ontstaan en vooral blijven voortbestaan van het begijnhof en haar inwoners. We
mogen de
mooie pancarten zien waarin de Nassaus het begijnhof in hun
bescherming nemen. Het is zeker een aanrader om het Bredase
Begijnhof
te gaan ontdekken en meer te weten te komen over de zeer interessante
geschiedenis.
En zo wordt het stilaan tijd voor het hoogtepunt van de dag.
In de Waalse kerk krijgen een aantal Rederijkers een klein stressje.
Zij
mogen nu aan hun collega’s-Rederijkers hun gedicht ten tonele
brengen.
Er zijn 3 Kamers die zich hieraan wagen.
Rederijkerskamer Turfschip van Adriaen van Bergen uit Breda brengt een gedicht
geschreven
door Herman Schaap, Factor van het Turfschip.
Rederijkerskamer Suyghelingen van Polus uit Zottegem brengt een gedicht geschreven door
Hendrik De Sutter, de Factor van de
Suyghelingen.
Rederijkerskamer Trou moet Blycken uit Haarlem brengt Symforosa van de Vlaamse schrijver
Felix Timmermans. Een leuk weetje!
Symforosa was het opgelegde werk om
ten tonele te brengen op het Redrijkerscongres van 2015 in
Geraardsbergen.
Dit was dus een leuk weerzien voor ons.
Trou moet Blycken gaat met de hoofdprijs lopen en ontvangt een mooi geldbedrag. Het
Turfschip wordt nummer twee en de
Suyghelingen sluiten het rijtje
af.
Het wordt stilaan tijd om deze mooie prachtige dag af te sluiten. We
worden andermaal getrakteerd op een zeer mooi muzikaal
intermezzo en de
Redrijkers van Brugge worden in de bloemetjes gezet voor hun schitterende organisatie
van het congres van vorig
jaar.
En zo zijn we aangekomen aan
ons moment! Onze Prince Marie begint het wat warm te krijgen en krijgt ook wat meer
kleur in haar
gezicht, want ze wordt toch een klein beetje rood van een
klein stressje. Begrijpelijk! Want op haar schouders rust nu de zware
taak
om het Rederijkerscongres van 2026 voor te stellen. En "dat is
geene platte keis" zouden we in Geraardsbergen zeggen, want dit
congres
wordt door onze Kamer Sint-Pieter Vreugd en Deugd georganiseerd ter ere van ons
550-jarig bestaan in 2026! Onze Prince
volbrengt haar taak met vlag en
wimpel en krijgt een welverdiend applaus.
Deze prachtige congresdag wordt
afgesloten met een aangeklede borrel bestaande uit een natje en een droogje. Onder een
stralende
zon wordt er nog gezellig gekeuveld onder de Rederijkers van
Noord en Zuid en worden er plannen gemaakt voor volgend jaar!
Het was
andermaal een congres dat enorm veel Vreugd en Deugd heeft gedaan aan ons
redrijkershart. Een dag waarop we mooie
herinneringen hebben gemaakt en
nu al met heimwee aan terug denken.
Een welgemeende proficiat en dank aan
alle Rederijkers van Vroechdendael oft Berckenriis voor de prachtige organisatie en
warme
ontvangst in het gezellige Breda.
Uw
nederige verslaggever,
Denny Imbo
Bibliothecaris / Bestuurslid
vzw Koninklijke Rederijkerskamer
Sint-Pieter Vreugd en Deugd uit Geraardsbergen